Hebben sporters glucose nodig?

Ja, ja, ik weet het, dit blog zou gaan over voeding en psyche. Specifiek over het onderzoek dat ik aan het opzetten ben. Ik kan mijn bewegingswetenschappelijke achtergrond met een specialisatie in sport echter niet onderdrukken. Vandaar dit stukje over de noodzaak van glusose voor sporters. En eigenlijk is het ook niet eens zo heel ver van het bed. Sporters zijn voortdurend bezig de grenzen van hun kunnen te verschuiven. In feite zou je herstel van een ziekte, inclusief psychische aandoeningen, ook zo kunnen benaderen. Het gaat niet om gezond blijven, maar om het uiterste uit jezelf te halen. Voor patiënten betekent dat herstel optimaliseren, voor sporters betekent het prestaties optimaliseren. Beide groepen proberen topprestaties te leveren!

Wat kunnen we leren van sporters? Dat je zoveel mogelijk koolhydraten moet eten voor topprestaties? Hopelijk weet je het antwoord al. Nee dus.

Recent publiceerden Jeff Volek en Stephen Phinney samen met Timothy Noakes een kort artikel en een redactioneel stuk over vetten als brandstof voor sporters. Jeff Volek en Stephen Phinney zijn de auteurs van het boekje ‘The Art and Science of Low Carbohydrate Performance’ dat ik via amazon.com uit de Verenigde Staten liet komen. Tim Noakes heeft de laatste jaren veel filmpjes op internet gezet, waarin hij uitlegt dat een voedingspatroon met veel vetten en weinig koolhydraten beschermt tegen welvaartsziekten zoals diabetes en hart- en vaatziekten. Jammer genoeg werd voor mij nooit echt duidelijk of Noakes die lijn doortrekt naar sporters. Ja dus.

In het artikel maken ze het punt dat een duursporter, ze gebruiken het voorbeeld van een Iron man triatleet, vooral tegen het einde van een lange duurinspanning in staat moet zijn vetten te verbranden. Sporters die dit niet kunnen, móeten koolhydraten eten/drinken tijdens hun inspanning. Lukt dat niet voldoende, komt de man met de hamer. Maag- en darmklachten zijn voor veel sporters een bijwerking van deze strategie. Volek, Noakes en Phinney rekenen voor dat de Iron man triatleet het slotstuk, een marathon, kan lopen zonder extra voeding als zijn spieren goed in staat zijn vetten te verbranden. Bijwerkingen: meer mentale helderheid, en beter herstel. De mentale helderheid wordt verklaard door de hogere concentraties ketonen in het bloed. Spieren verbranden vetten, ketonen zijn beschikbaar voor de hersenen. Spieren en hersenen concurreren om glucose als dat de primaire brandstof is. Het betere herstel kan verklaard worden door minder ontstekingsprocessen en minder oxidatieve stress. Inflammatie en oxidatieve stress zijn trouwens ook hoofdrolspelers in psychische aandoeningen, alsook in diabetes en hart- en vaatziekten. Zo vreemd zijn sporters dus niet.

Maar er gaat wel een proces aan vooraf: aanpassing. Leren vetten te gebruiken als brandstof. Dat kun je leren door je lichaam te dwingen vetten te verbranden door een voedingspatroon met 15 energie% eiwitten, heel weinig koolhydraten (10 g per dag in de studie van Phinney uit 1983, Noakes heeft het in zijn boek ‘The Real Meal Revolution’, wat zich meer richt op welvaartsziekten dan op sportprestaties, over 50 g koolhydraten per dag) aangevuld met vet. Dat doet pijn. Sportprestaties nemen af, zowel objectief als subjectief. Tot je lichaam zich aangepast heeft. Na 4-6 weken is de maximale prestatie vrijwel op peil en is de submaximale prestatie misschien zelfs al een stukje beter (Phinney et al., 1983). Langetermijnstudies ontbreken, de auteurs beroepen zich op anekdotisch bewijs.

Een ander voordeel voor de sporter (of patiënt, vul zelf in) is gewichtsregulatie. Een ketogeen voedingspatroon kan helpen lichaamsvet kwijt te raken en tegelijkertijd spiermassa op te bouwen. Dat is niet alleen een voordeel voor duursporters, die vooral licht willen zijn, maar ook voor krachtsporters, die vooral veel spiermassa willen hebben. En eigenlijk geldt dat voor ons allemaal.

Al was het niet voor betere prestaties, dan misschien voor een betere gezondheid. Van sporters. Twee recente studies lieten zien dat fanatiek sporten niet per se een betere gezondheid betekent. In deze Zweedse studie bleken mannen die op hun 30ste meer dan 5 uur per week aan sport deden, 12 jaar later vaker last hadden van een onregelmatige hartslag. Ook deze Duitse studie toonde een U-vormige relatie aan tussen fysieke activiteit en (overlijden aan) hart- een vaatziekten. Niet alleen de minst actieve hartpatienten hadden een verhoogd risico om te overlijden aan hart- en vaatziekten, ook de meest actieve hartpatienten hadden een hoger risico! Ook in TRAILS vonden we dat topsportende adolescenten hogere nuchtere insulineconcentraties hadden en meer ontstekingsparameters in hun bloed. Ik vraag me ernstig af of dat te verklaren is door de fysieke activiteit, of door het advies aan sporters om vooral veel koolhydraten te eten.

Advertisements

2 thoughts on “Hebben sporters glucose nodig?

  1. Dat vind ik wel een shocking vondst, Esther, dat topsportende adolescenten hogere nuchtere insulines hebben. Het is in lijn met de epidemische parodontitis in Olympische atleten en met de vondsten van Möhlenkamp et al in marathonlopers:

    http://eurheartj.oxfordjournals.org/content/29/15/1903

    Ik heb ook moeite met het idee dat het aan de hoge dosis fysieke inspanning per se ligt. Gezien de bevindingen van Charles Mobbs denk ik dat het een functie van de (substraat gedreven/geforceerde) hoge dosis glycolyse is. Hoe meer glycolyse in verhouding tot beta-oxidatie, hoe sneller de veroudering en hoe meer pathologie.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s